Op 2 april 2026 werd in de Kamer de wet goedgekeurd die een belasting invoert op meerwaarden op financiële activa. Deze wet geldt retroactief vanaf 1 januari 2026. Dat betekent dat meerwaarden die sinds die datum werden gerealiseerd, in principe belastbaar zijn.
Dit betekent echter niet automatisch dat je in alle gevallen een belasting moet betalen. De wet voorziet namelijk in verschillende vrijstellingen, waardoor het perfect mogelijk is dat je geen belasting verschuldigd bent.
Nu deze wet is aangenomen, willen wij je informeren over de situaties waarin je mogelijk met deze belasting te maken kunt krijgen en toelichten hoe wij je daarbij begeleiden. Hieronder vindt je een overzicht van de belangrijkste regels en antwoorden op jouw vragen.
De wet werd op 21 april 2026 gepubliceerd en is retroactief van toepassing vanaf 1 januari 2026.
De meerwaardebelasting is van toepassing bij de realisatie van meerwaarden naar aanleiding van de afkoop van financiële activa.
Algemeen principe
De meerwaarden op financiële activa worden belast tegen een tarief van 10%. Deze belasting gaat gepaard met een jaarlijkse vrijstelling van 10.000 euro (indexeerbaar) per belastingplichtige. Als de belastingplichtige de vrijstelling niet volledig gebruikt, kan deze onder bepaalde voorwaarden worden overgedragen (voor meer details, zie verder).
Bepaalde financiële activa zijn niet onderworpen aan deze meerwaardetaks. Het zou onder meer gaan om onder andere groepsverzekeringen, pensioenspaarfondsen en pensioen- langetermijnsparen (2e & 3e pijler).
De belasting is verschuldigd wanneer een meerwaarde wordt gerealiseerd in het kader van het normale beheer van een vermogen, als gevolg van een overdracht 'ten bezwarende titel'. Een "overdracht" wordt beschouwd als "ten bezwarende titel" als de overdrager een tegenprestatie ontvangt in ruil voor de overgedragen financiële activa. Dit kan bijvoorbeeld een verkoop van de betreffende activa zijn.
Schenkingen, eigendomsoverdrachten bij overlijden, uittredingen uit onverdeeldheid of inbreng in de huwelijksgemeenschap zouden dus niet onderworpen zijn aan deze nieuwe belasting van 10%. De belasting wordt uitgesteld tot het moment waarop de erfgenaam, de begiftigde, enz. de ontvangen financiële activa tegen betaling overdragen.
In het geval van een beleggingsverzekering, aangezien het kapitaal aan de begunstigde wordt uitgekeerd bij overlijden, is er geen sprake van een "overdracht onder bezwarende titel" en is er dus geen belasting van toepassing op de meerwaarden.
Algemene regime
Er is een jaarlijkse basisvrijstelling van 10.000 EUR per belastingplichtige voorzien. Indien je de eerste schijf van 1.000 euro van de jaarlijkse basisvrijstelling niet (volledig) kon gebruiken, kan je het ongebruikte deel van de eerste schijf van 1.000 euro naar het volgende belastbare tijdperk overgedragen. Dit kan slechts gedurende vijf jaar, zodat de vrijstelling maximaal 15.000 euro kan bedragen (10.000 basis + 5.000 overgedragen).
De startwaarde van de basis wordt als volgt bepaald:
Deze basiswaarde zal evolueren tijdens het verloop van het contract.
Indien bij een afkoop of uitgaande transfer de reserve van de polis groter is dan de basis, dan zal je in verhouding tot de afkoop 10% meerwaardebelasting verschuldigd zijn.
Concreet gaan we als volgt te werk bij aan afkoop of uitgaande transfer:
Bij de berekening van de meerwaardebelasting wordt per contract geen rekening gehouden met de vrijstelling van 10.000EUR
In principe heeft de klant de keuze tussen de volgende opties:
(i) de verzekeraar de belasting laten inhouden op elke transactie die een meerwaarde genereert, zonder rekening te houden met het bedrag van de vrijstelling of de realisatie van minderwaarden. (=Opt-in)
(ii) of kiezen voor een 'opt-out', wat betekent dat de verzekeraar de belasting niet aan de bron inhoudt en dat de klant zelf het correcte bedrag van alle gerealiseerde meerwaarden moet vermelden in zijn persoonlijke belastingaangifte (rekening houdend met de vrijstelling en de gerealiseerde minderwaarden).
De keuze voor een van deze opties is niet zonder gevolgen.. Bij een opt-out heeft de fiscus namelijk zicht op de transacties die meerwaarden (en minderwaarden) hebben gegenereerd gedurende het jaar. Verzekeraars zullen namelijk verplicht zijn om een rapport aan de fiscus te verstrekken voor alle afkopen of uitgaande transfers vanaf 01/06/2026, zodat deze een overzicht heeft van de gerealiseerde meerwaarden, met het doel te verifiëren dat alles correct is aangegeven. De exacte vorm van dit rapport is op dit moment nog niet bekend. Door te kiezen voor de opt-out, verliest de klant dus een bepaalde vorm van anonimiteit ten opzichte van de fiscus.
Deze vraag is enkel relevant voor natuurlijke personen (en feitelijke verenigingen) onderworpen aan de Belgische personenbelasting. Deze klanten zullen een keuze krijgen tussen de taks te laten inhouden door de verzekeraar (zgn. OPT-IN) of zelf alles aan te geven (OPT-OUT). Deze keuze kan gemaakt worden door de klant in agentschap.
Deze klant zal begin 2027 een overzicht ontvangen van alle gerealiseerde meer- en minderwaarden per contract. Dit overzicht zal de klant in staat stellen zijn/haar belastingsaangifte in te vullen. (meer- en minderwaarden gerealiseerd in het jaar 2026).
In scope:
Out of scope:
Uitkeringen bij overlijden zijn vrijgesteld van meerwaardebelasting, hiermee hebben spaar- en beleggingsverzekeringen als successie instrument een voordeel ten opzichte van andere financiële activa.
Switches tussen fondsen in éénzelfde contract vormen geen trigger voor meerwaardebelasting, ook dit biedt een voordeel.
Binnen een Tak 21-Beleggingsverzekering is de klant in bepaalde gevallen vrijgesteld van de meerwaardebelasting, hiervoor verwijzen we naar het punt hieronder: ‘Hoe zal een Tak 21-Beleggingsverzekering behandeld worden?’
In scope:
Out of scope:
De wet voorziet de regel dat de inkomsten van financiële activa vrijgesteld zijn van meerwaardebelasting als die inkomsten op de datum van hun verwezenlijking reeds belastbaar zijn als roerend inkomen (of als beroepsinkomen). Dit betekent dat bij een afkoop van een TAK 21-contract gedurende de periode van acht jaar na het afsluiten van de verzekering, er geen meerwaardetaks verschuldigd is. Er is immers roerende voorheffing verschuldigd (op basis van een minimumrente van 4,75%). Na acht jaar is het rendement niet meer belastbaar als roerend inkomen en zal het verschil tussen de afkoopwaarde op 31/12/2025 en werkelijke afkoopwaarde aan 10% belastbaar zijn.
! Opgelet: indien de klanttijdens de eerste acht jaar een overlijdensdekking ter waarde van minstens 130%, is de roerende voorheffing van 30% niet van toepassing en zal de klant bijgevolg wel onderworpen zijn aan de meerwaardebelasting.